Woensdag, 7 September. Noordhollands Nieuws- en Advertentie-blad. Acht-en-dertigste Jaargang. 1 i I I. Het leger des heils. IS!- KORTE STUKJES. Oom en Neet Bureau Weer wal PURMEREND. Advertentiën: Dienstaanbiedingen en Liefdegiften 25 Ct. por 5 regels, A contant, elke regel meer 6 Ct., zonder korting voor Boekhandel of Postdireotie Vertrekuren Spoortrein. Dienstregeling 1 Mei. 'Gewone tyd. l-M Stoombootd. Amsterd.-Purmerend i of een vrijerij met hindernissen. Verschijnt DINSDAG en ZAT rADAG. ibonnementsprp 85 Cents per drie maanden, franco per post/1. Advertentiën in te zenden des Maandags en Vrijdags tot 's middags 2 ore. ingezonden stukken liefst .vroeger. Advertentiën van 15 regels 75 Ct»., elke regel daarboven 15 Cent. Van S plaatsingen, in eens opgegeven, worden sleehts 2 berekend. Bewjjsnommois g r a t i e. Bjj voortdurende plaatsing volgens naidere overeenkomst. Groote lettere wórden naar plaatsruimte berekend. .1' V' Yan AMSTERDAM. naar ENKHUIZEN. Van ENK HUIZEN naar AMSTERDAM. V Amsterdam 6.—(6.45 [7.43 „Zaandam 6.10j7.O3 8.07 u Oostzaan 6.26 7.18 8.17 „Purmerend s.6.86 7.25 8.27 Kwadjjk-Edara 7.31 Oosthuizen «D P Avenhorn 7.48 Hoorn O 3 7.67 Blokker 'O 8.04 O Westwoud 8.09 Hoogkarspel 8.15 Bovenk.-Grootebr. 8.22 Ak. Enkhuisen 8.27 3- 9.29 10.331 dags 9.41 I 10.49 L— 1.07 8.59 9.11 9.23 9. 9.29 10.08 9.89 10.13 9.46 10.20 a9.58 10.32 11.08 10.39 10^45 10.51 10.58 li.03ill.27 1.18 1.26 1.35 1.42 1.48 1.64 2.01 2.06 -I 2.20 2.27 2.33 2.39 2.46: 2.5ll 3.02:6, 3.20 6.14 3.33 8.45 6.81 8.51 4.01 4.08 4.19 4.26 4.31 6.37 6.47 6.59 10.05 10.21 10.82 10.48 10.49 10.59 11.00 11.18 11.25 11.81 in verb l ENKHUIZEN naar STAVOREN per stoomb. morg. per Spoor v. STAVOREN naar LEEUWARDEN 4.87' '11.87 4.44)- 111.44 (4.49.7.18;11.49 8.32, 11.82, 's 9.55, 13.61, V Enkhuizen Bovenk.-Grootebr. Hoogkarspel Westwoud Blokker Hoorn Avenhorn Oosthuizen Kwadjjk-Edam. 6.84 8.20 Purtnorand 6.418.27 Oostzaan - -r- 8.88 Zaandam 7.-8.49 Ak. Amsterdam 7.22|9.03 nam. 4.55 en '«avonds 7.28. 6.26 ön 1.40. 7.20' 7.27 7.34' 7.40 '6.25 5:81 5.88 5.49 5.55)7.46 =§.8.09,7.55 -g0.17i8.08 6.248.10 9.4011.27 9.46 9.21 9.26 9.33; 9.68 9.39j 9.59 9.4510.06 9.5110.18 11.48 10.22 10.30 10.41 12.07 1.05 2.05 55 2.19 6.01 2.26 6.08 2.32 6.15 2.386.21 2.48,6.81 2.18)2.56 6.89 2.20 8.08 6.46 2.80 8.13'6.56 2.87 8:20 7.03 8 55 9.06 9.18 9.29 9.87 9.43 10.01 Van AMSTERDAM Dagelijks (nitgez. Diradag) Vm. 7, 9, 10.45, 12. Nid. 2, 4, 0, 7. Des Dinsdags; Vm. 5, 6, 7, 9,10.45, 13. Nm.2, 4, 6, 7. Van PURMEREND Dagelijks (uitgez. Dinsdag.) Vm. 6.80, 8, 9.15, 11. Nm. 12.30, 2, 4, 0. iDes Dinsdags: Vm. 6.80, 8, 9.15,11. Nm 12.80, 2, 4, 6. D es Zond ags 10.48 10.59) .11.19 2.48 8.82 7.14 11.08 12 25(1.83 2.59 3.48,7.25 11.20 12.87,1.50;8.18;3.67|7.89;10.18 Van STAVOREN naar ENKHUIZEN 's morg. 8.21,10.—,,'snam. 4.84 en'sav7.80 Van LEEUWARDEN naar STAVOREN 6 60, 9.—i' #.-V 8.07 en, V 6.25 Van Amsterdam en van Purmerend 's av. 8.4B *Ha, dat is nu eens een vroljjk onderwerp I" hoor ik sommigen zeggen,»dat zal een onder houdend artikel worden. Op zoo iets worden we niet dikwijls onthaald. Toe, Jangeef ons eene beschrijving van zoo'a bijeenkomst, zoo'n godsdienstoefening, waarin officieren en soldaten van het heilsleger voorgangers ajjn, waarin muziek en zang inhering en in slag ie, waarin dronkaards en allerlei ander slag van slecht volk als met tooverslag bekeerd worden, waar 't allerdolst toegaat en niemand zich verveelt, omdat er voor de noodige af wisseling wordt gezorgd. Ja. ja, geef ons daarvan du eens eene beschrijving en ge zult ons een pleizierigen dag bezorgen 1" Nu, ik zou me schamen, als er één haar op mjjn hoofd wbb, dat uw dag zou willen bederven. Nieté is verder van mij verwijderd. Ik gun ieder hot grootste pleizier, vooral op zondag, als 'i maar door den beugel kau. Maar desalniettemin en even wel nochtans ligt het volstrekt niet in mjjn iplan u en mg zelf te vermaken ten koste vub het leger des heils. Ik ben nameljjk heilig overtuigd, dat dit leger in plaats van bespotting de alge meene achting en waardeering verdient. Of zouden de pogingen, door de mannen en vrouwen, die er toe behooren, aangewend om den drankduivel te bestrijden en hongerigen én dakloozen aan brood en een, zg 't dan ook slechts tjjdeljjk onderkomen te helpen, om hen, die in een rampzaligen staat van zedeljjke ellende verkeeren, die tot alle kwaad en tot niets goeds in staat zjjn, zoo mogelijk op den goeden weg terug te brengen, r— zon dan die pogingen aan bespotting mogen worden prijsgegeven? Voorwaar, zg hebben aanspraak op iets beters. En nu moge men sommigen van de mid delen, door .het heilsleger ter bereiking van zjjü grootsch en edel doel in het werk ge steld, meer of min zonderling vinden, het blijft toch maar waar, dat er met die zonder linge middelen, ook in ons land, uitkomsten 8):" .'V - Twee uur later was de kapitein druk bezig aan de groote tafel in zijne studeerkamer met eeu bij zonder soort vao eohrijfot feuingen, toen de dear openvloog en zjjn neef Carel de *kamer binnen stormde. „Oom ik beb q wat te vertellen 1" riep bjj juichend uit. „Nerf, ik heb je ook wat te vertellen I" jubelde de kapitein terog. wierp zijne pen op de tafel, en keek zijoen neef verheogd aan. „Ik wil trouwen, oora I" «Hoera, jongen I riep de kapitein en sloeg vrooljjk met de vlakke hand op de tafel. „Ik wil ook trouwen I" „Wat is 't mogeljjk,- is 't werkelijk waar? „Waarachtig zeker I Aanzoek gedaan jawoord gekregen alles in oidel" „Bent n bij mevrouw Spruitenberg geweeetP En ze heeft toegestemd?" „Ik ben er geweest aanzoek gedaan jawoord verkregen zjjn, waarover de ruenscbenvriend j' zich oprechfc verheugt. En menigeen, die in 't eerst niets beters wist te doen dan zich te vermaken ten koste van de heilsoldaten, of zelfs heD uit te jouwen, te vervolgen en te mishandelen, is nu van nabjj met hun streven bekend geworden te zjjn, van een vjjand in eeu vriend en voorstander, dezer manneu en vrouwen veranderd en steunt hen thans met woord en daad. Wat zg in den vorigen winter in de beide, grootste steden onzes lands hebben weten tot stand te brengen, moet ieder wel denkende dau ook mét achting en sympathie voor hen vervollen. Het kau zgn nut hebben, na te gaan, wat William Booth, den edelen Eugelschman, tot de oprichting van het heilsleger gebracht heeft en hoe het, eerst in Londen, later in Engeland, thans over bjjoa de geheele wereld werkt. We kunnen daarbjj niet heter doen, dan. «generaal" Booth een oogenblik zelf het woord te geven. V Nadat hjj in zgn boek, getiteld »In Enge land» donkerste wildernissen en de Weg tot Outkomiug" eene sohets heeft gegeven "van het donkere Midden-Afrikaansche woud en van de ontzettende moeieljikheden, die de beroemde Stanley en zjjne manschappen 160 dagen achtereen moesten overwinnen, om door dat woud been te komen, vervolgt hgHet woud, dat .Stanley doorreisd heeft, bezit eene merkwaardige overeenkomst met de wildernissen der Engelsche beschaving, waarover ik zal gaan spreken. Het geljjkt er op ten opzichte van zjjne groote uitgestrekt heid, van zjjne eentonige duisternis, zjjn koorts en somberheid, zjjn dwergachtige, verwilderde bewoners, de slaverng, waaronder zjj gebukt gaan. en van huDne ontberingen en elleuden. Wat het moedigste hart den moed doet ont zinken en vele onzer braafste en edelste menschenvrienden tot vertwijfeling brengt is de oogenschjjnljjke onmogelijkheid om iets meer te doen, dan slechts de buiteDzjjde van het verwarde hakhout weg te snjjdeu. Wie durft hopen er in te zullen slagen het dag licht door die duisternis heen te doen dringen en een weg te ruakeo, die niet terstond wéér ia het moeras wegzinkt of door den weelderigen parasilischen plantengroei overdekt wordt? De kaas op welslagen schjjnt zoo uiterst goring, dat zg de grenzen der menscheljjke hoop over schrijdt. Het is de groote poel van vertwgfer ling van onzen tjjd. En wat deze poel wil zeggen, kan niemand zich verbeelden, tenzjj hjj tot den hals daarin gewaad heeft, zooals sommigen onzer gedurende lange jaren gedaan hebben. Spreek van D&ute's Hel «n- van al-de verschrikkingen en -tvreed- hecfen van de gruwelkamers van 't verledene! Dé mau, die met open oog en bloedend hart langs de pestholou onzer beschaving gaat, be hoeft zulke fantastiscbo beelden des dichters niet, om met afgrjjzeu vervuld te wordeu. Dikwjjls, zeer dikwijls, als ik de onervarenen en armeu en zwakken voor mgne oogen in het moeras ten onder zag gaan, vertrapt onder de voeten van meuscheijjke roofdieren, die deze> strebeu onveilig maken, scheen het mg alsof Ood niet langer macht in deze wereld had, maar dat in Zjjne plaats een vjjand heerschte, onbarmhartig als de Hel en onver biddelijk als het graf." Een reuzenwerk mag het heeten, het be ramen van een plan, waarnaar men met ge gronde hoop op «en eenigszins gunstigen uit slag te werk kan gaan, wanneer 't te doen is om in den zooeven aangeduiden ellendigen toestand, waarin vele miilioenen verkeeren, althans een begin van verbetering té brengen. Generaal Booth ia er trouwens de man wel naar, om zoodanig plan te vormen en vast te stellen én, eenmaal zoorer, er noch links, noch rechts van af te wjjken. Zie 'hier, aan wolke eischen hjj meènt, dat zulk een plan moet vo doen. Ten le moet het deu mensch innerl jjk veranderen en omzetten, wanneer zjjn karakter en gedrag de oorzaak zgn van zgn zoo kwaljjk slagen in den etrjjd des levens. Ten 2e moet er verandering komen in de uitwendige omstandigheden van iederen gekregen ben gelukkig bruigom eu schrijf even de verlovingskaarten I Luister eens, hoe dat klinkt „Verloofd Clara Spruitenburg dochter van mevrouw de weduwe Dr. Spruitenburg. Nicodemua Spekkoek, gej>enaionneerd kapitein." //wat wat leest u daar P" vroeg de neef, die zijne ooren niet vertrouwde en zjjne oogen nog verder opensperde, dan mogelijk was. „Kan je dan niet ioisteren P" vroeg oom onge duldig. „Let dan opVerloofd Clara Spruitenburg, doohter van mevrouw de weduwe Dr. Spruitenburg of moet dat er niet bij P" „Clara Spruitenburg de dochter tegt'u?" Ja, zeker, jal Droom je dan, datje dat niet snapt P Mjjn aanzoek, is aangenomen ik heb mij vanmorgen met chejuffrouw Clara Spruitenburg verloofd." „Uw aanzoek aangenomen u verloofd met baar, met Clara Spruitenburg P" „Nu, stel je toch uiet aan en kijk ^tiet of je levend gevild wordt I" riep oom knorrig. „Heb je mij zeker niet genoeg aangepord en allés gedaan, wat je kon, om de saak in orde te krijgen P Zeg eens PP" maar ik meende mevrouw „Ja, die heb jij missobien gemeend", riep de kapitein verontwaardigd uit. „Maar mevrouw en ik mensch in 't'bgzonder, indien deze oirzoak. zgn vau zgn ongelukkigep. toestand en hem zeiven alle macht ontbreekt om daarin ver andering ten goede te brengen. Ten Se. Ieder redmiddel, dat waard is in aanmerking te komen, behoort van zoodanige afmeting eu omvang te zjjn, dat het opweegt tegen bet kwaad, dat men er mee overwinnen wil. Ten 4e. Het plan moet niet alleen ruim van omvang, maar ook duurzaam van aard zjju. Ten 5e. Hét moet terstond in werking ge bracht kunnen wordeu Ten 6e. Het mag den persoon, dien men helpen wil ten slotte géén4 nadeel brengen;' En ten 7e.' Terwjjl ééoe klasse in de sainenleiding gebaat wordt, mag een das betoonde bjjstand niet te geljjk een schadeljjken invloed oefenen op het be-, staan en de welvaart van andefen. Het'is niet doe nl jjk binnen het bestek van dit opstel een, zelfs onvolledig, overzicht te geven van de middelen, die volgens het boven omschreven plan in het werk kunneu worden gesteld om het groot-che doel te bereiken. We bepalen ons'dus tot enkele bijzonderheden en zullen trachten te schetsen op welke wjjze de generaal de werkloozen wil helpen. Het ligt in zjja plan, dat te Londen en elders reeds iu uitvoering is gekomen om deze soort van hulpbehoevenden tot kolonies te vereeni gen, die door hare samenvoeging in staat zgn zichzelven te helpen en te onderhouden, zoodat elk dezer kolonies eene soort van coöperatieve maatschappij vormt, bestuurd en onder tucht gebracht en gehouden naar de beginselen^ die in de ervaring van het legér des heils reeds proefhoudend zjju ge bleken. In de eurpte plaats zjjn daar. dan de stadskolonies, inrichtingen, in 't midden van den oceaan van ellende gesticht en bestaande uit tal vaa gebouwen, die als nood en toevluchtshaven8 kunnen strekken voor allen, die op eenigerlei wjjze schipbreuk hebbeu ge leden met verlies vau leeftocht, goeden naam en gelegenheid om zich delven uit hun staat van ellende weer op te heffeu. Deze vlucht- havens nemen de hulpeloozen op zooals zg <neentlen de doohter 1 Mevrouw is een verstandig meDieh en verheelde hare opinie niet. Zij zeide openhartig, dat de zaalc haar teer aangenaam was eu tij in stilte reeda dikwijls aan zulk eeue ver bintenis had gedaoht; hare dochter had baar mede gedeeld, dat zjj haar. geluk hierin daoht te vindeu, voegde er nog iets vleiends bij over den draag haars harten, no, en meer kan ik toch niet ver langen. Qroote goden, ik kan de dames niet kwalijk nemen, dat zjj bun geluk er in zien, bet jonge meisje is arm, onverzorgd, gaat een droevige toe komst tegemoet, als mama sterft Het gelaat van den joogea houtvester was zeer bleek geworden. „O God I het hoofd duizelt me i" sprak hjj. „Oom, zij heeft uw aauzoek aangenomen Gij hebt u tooh niet vergist f" „Vergist P Ben je malP Heeft mevrouw aoms niet de jooge dame als bruid tot mjj gebraobt, en heb ik haar niet als verloofde begroet P Heeft Clara niet in mijne armen gelegen en heeft zjj van injj den verlovingskus niet ontvangen P" „la uwe armen gelegen den verlovingskus ontvangen „Tweemaal I" verklaarde de kapitein met grooten nadruk. „Mevrouw Spruitenburg aloud er bjj en hazen zegen het was zeer roerend 1 En mjjn jongen, zie je, ik heb al aaa alles gedaoht. Die g-schiedeuis hm heeft voor jou een be zwaar zij maakt jou een streep door de rekening...../' „Een etreep door de tekening I" zuchtte de houtvester. „Ik bedoel vau wege je toekomstje vooruit- ziohteu. Zie eens, wanneer ik hm met Clara getrouwd ben en onze familie grooter wordt Dat verandert de. erfeniskwestie. Mast ik ben je in deze tuk veel dank schuldig, dat zal ik niet vergeten. Ik zal je onafhankeljjk maken. Ik zal dadelijk mijn hujrhuis in de Hoogstraat op je laten overschrjjveo, dan beb je eeue schadevergoeding" Rood van toorn vtoog de jonge houtvester op. „Ook dat nog, 't is ongehoord I" riep hjj woedeud uit. „Schadevergoeding geld met géld wil hjj mjj den mond stoppen I Neen, dank u, oom - boud uw huis - naar den duivel met uw huis eu met al het geld, dat u mij zoudt willen a m- bieden I De gedaobte aan klles, wat u voor mjj ge daan hebt,, bindt mij de banden...q maar geen cent, geen raad, geen hulp wil ik meer vau u aan nemen I den band, die tussohen ons bestond, hebt gij beden verbroken, door al mijn boop, miju toe komst te vernietigen, te verwoesteu vaarwel - nooit -ziet gjj mij weer!" Hjj rukte de deur open en stormdo weg.

SPC | 1892 | | pagina 1